Korte, feitelijke uitleg van de regels die het CBR het vaakst vraagt.

Het CBR theorie-examen auto: 50 vragen in 30 minuten, geslaagd vanaf 44 goed, dus maximaal 6 fouten. Plus testvragen, vraagtypen en wat je meeneemt.

De basisregel van voorrang met alle uitzonderingen: fietsers van rechts, T-splitsing, linksaf slaan. Met bewegende situaties uit Rijtheorie Hub.

Haaientanden betekenen voorrang verlenen zonder te hoeven stoppen; bij een stopbord sta je altijd volledig stil, ook zonder verkeer. Met animaties.

Op een gelijkwaardig kruispunt gaat de tram altijd voor, ook van links. Wanneer geldt dat niet, en wat mag je nooit doen op tramrails?

Met haaientanden gaat het verkeer op de rotonde voor; bij het fietspad om de rotonde beslissen de borden en haaientanden. Regels voor oprijden, afslaan en richting aangeven, met animaties.

Een voorrangsvoertuig met zwaailicht én sirene gaat altijd voor. Hoe maak je veilig ruimte, en wat als het alleen een zwaailicht is?

Voetgangers die kennelijk willen oversteken of al op de zebra lopen gaan voor. Ook blinde voetgangers met witte stok. Met animaties.

Binnen de bebouwde kom laat je een bus die aangeeft te vertrekken voorgaan; buiten de kom niet. De regel met animaties.

De alcohollimieten voor ervaren en beginnende bestuurders, wie beginner is, en de regels over medicijnen en vermoeidheid. Met ezelsbruggetjes.

Alle 39 Nederlandse waarschuwingsborden (J-serie) met hun betekenis, een ezelsbruggetje per bord en uitleg over hoe het CBR ze vraagt. Plus: de gevarendriehoek is niet verplicht.

Alle Nederlandse verbodsborden met betekenis en ezelsbruggetje, plus uitleg over zoneborden, eindeborden en onderborden waar het CBR naar vraagt.

De negen voorrangsborden met betekenis en ezelsbruggetje, het verschil tussen haaientanden en stopbord, en de uitzonderingen voor fietsers en trams.

Alle borden die een wegtype aankondigen of beëindigen, met betekenis en ezelsbruggetje. Waarom het wegtype je snelheid en je manoeuvres bepaalt.

Alle blauwe informatieborden met betekenis en ezelsbruggetje, en het verschil tussen een rechthoekig informatiebord en een rond gebodsbord dat het CBR graag toetst.

Wat betekent het bord niet parkeren (E1), en wat het bord verboden stil te staan (E2)? Het verschil, laden en lossen, gele strepen en de 5-meterregel.

Wat betekenen een verdrijvingsvlak, blokmarkering, doorgetrokken streep, gele strepen en haaientanden? Met de uitleg en het artikel uit het RVV 1990.