Home › Theoriegids › Snelheidslimieten en alle uitzonderingen
Snelheidslimieten en alle uitzonderingen
Binnen de bebouwde kom: 50 km/u en de 30-zones van Amsterdam
Binnen de bebouwde kom geldt 50 km/u, maar in Amsterdam meestal 30.
- Standaardmaximum binnen de kom: 50 km/u
- Blauw-wit plaatsnaambord bepaalt de zone, niet de huizen
- Sinds dec 2023: 30 km/u op meeste straten binnen A10
- Doorgaande wegen en grachten blijven vaak 50
- Zonebord geldt tot 'einde zone'-bord
- Rond bord met rode rand: tot volgende kruising
Let op: uitzonderingen en valkuilen
- Het plaatsnaambord op blauwe achtergrond markeert de bebouwde kom; een wit bord met dezelfde naam is slechts een buurt- of wijkaanduiding en verandert je snelheidslimiet niet.
- In Amsterdam is 30 inmiddels de regel en 50 de uitzondering binnen de Ring: ga er niet vanuit dat een 'gewone' straat 50 is — controleer de borden en het wegbeeld (asfaltkleur, drempels, smalle rijloper).
- Een 30-zone geldt voor de héle zone, ook zijstraatjes zonder eigen bord; veel bekeuringen vallen omdat mensen na een zijstraat denken dat de 30 is opgeheven.
- Rond veel Amsterdamse grachten en op smalle straten met tweerichtingsverkeer en geparkeerde auto's is 30 vaak nog te snel voor de situatie — de bebording is een maximum, geen advies.
- Trams hebben in Amsterdam bijna altijd voorrang en volgen hun eigen snelheid; pas je snelheid aan op tramrails, want remmen op natte rails kost extra afstand.
Buiten de bebouwde kom en de autoweg: 80 en 100 km/u
Buiten de kom is de standaard 80 km/u; op een autoweg 100 km/u.
- Plaatsnaambord met rode streep: kom eindigt
- Gewone wegen buiten de kom: standaard 80 km/u
- N-wegen blijven 80, ook al voelt open
- Autoweg (blauw bord met witte auto): standaard 100 km/u
- Autoweg is geen snelweg: let op kruisingen en lichten
- Geen bord? Terugvallen op 80 buiten de kom
Let op: uitzonderingen en valkuilen
- Buiten de bebouwde kom is 80 de standaard, niet 100: veel bestuurders rijden op N-wegen te hard omdat ze een autoweg verwachten die er niet is.
- Een autoweg is niet hetzelfde als een autosnelweg — het bord toont een auto (autoweg), niet een viaduct/brug-symbool (autosnelweg); de limiet en de regels verschillen.
- Op een autoweg mogen langzame voertuigen (zoals landbouwverkeer) soms wél op de weg als een parallelweg ontbreekt; reken op onverwacht traag verkeer.
- Rond Amsterdam zijn stukken zoals delen van de S-wegen en toegangswegen soms 70; het weglingsbeeld lijkt op een autoweg maar de bebording zegt anders — lees het bord.
- Direct na een afrit of kruising kan een nieuwe, lagere limiet gelden; de oude 100 of 80 vervalt zodra je een nieuw bord passeert.
Op de autosnelweg: 130, 120 en overdag 100 km/u
Overdag (06:00-19:00) geldt op vrijwel elke snelweg 100 km/u.
- Wettelijk maximum snelweg: 130 km/u
- Sinds maart 2020: overdag 100 km/u (06:00-19:00)
- 's Nachts (19:00-06:00): vaak 120 of 130
- Tijden staan op het bord: lees het onderschrift
- Geen tijdvenster? Waarde geldt hele dag
- Rond Amsterdam (A10, A1, A2, A4, A9): overdag 100
Let op: uitzonderingen en valkuilen
- Het tijdvenster (06:00–19:00) staat op het bord; ga niet af op je geheugen maar lees het onderschrift, want niet elk traject heeft hetzelfde avondmaximum.
- De 100-daglimiet geldt niet overal: op enkele trajecten staat overdag ook een ander getal — het bord gaat altijd vóór de landelijke vuistregel.
- Op de A10 Ring rond Amsterdam wisselen limieten snel per segment en er staan veel matrixborden; die kunnen de 100 op elk moment verlagen naar 90, 70 of 50.
- Vlak vóór 19:00 uur mag je pas versnellen als de klok daadwerkelijk 19:00 is gepasseerd én de borden een hogere avondlimiet tonen — te vroeg optrekken is een boete.
- Vrachtwagens en auto's met aanhanger vallen niet onder 130/120: voor hen geldt op de autosnelweg een eigen, lager maximum (zie de sectie over aanhangers).
Matrixborden, variabele limieten en wegwerkzaamheden
Matrixborden en gele werkborden gaan altijd boven vaste borden.
- Matrixbord overschrijft direct alle vaste borden
- Elk matrixbord geldt voor de rijstrook eronder
- Rood kruis: strook dicht, meteen verlaten
- Knipperende gele pijlen: naar andere strook
- Gele werkborden gaan vóór witte borden (90, 70, 50)
- Trajectcontrole handhaaft vaak de werkzone-limiet
Let op: uitzonderingen en valkuilen
- Matrixbord vóór vast bord: het elektronische getal wint altijd, ook als het lager is dan wat op een paal langs de weg staat.
- Een matrixbord geldt per rijstrook — wissel je van strook, dan kan een andere (hogere of lagere) limiet gelden; kijk boven de strook waarop je rijdt.
- Een rood kruis is geen advies: doorrijden onder een rood kruis is een zware overtreding en levensgevaarlijk bij pech- of ongevalsafzetting.
- Gele bebording bij werk in uitvoering vervangt de witte borden volledig; de tijdelijke, lagere limiet geldt vaak ook 's nachts als er niemand werkt.
- Trajectcontrole meet je gemiddelde over een lang stuk, dus even 'inhalen en terugvallen' helpt niet — één keer hard rijden trekt je gemiddelde omhoog.
- Als een matrixbord dooft (geen getal meer), val je terug op de laatst geldende vaste limiet; ga niet automatisch weer naar de oude hoge snelheid zonder een bevestigend bord.
Aanhangwagen, woonerf, schoolzones en snelheid bij slecht zicht
Met aanhanger gelden lagere maxima; op een woonerf rijd je maximaal 15 km/u.
- Aanhanger: 50 kom, 80 buiten, 90 op auto(snel)weg
- Nooit 100, 120 of 130 met aanhanger
- Woonerf: maximaal 15 km/u (wettelijke limiet)
- Woonerf: voetgangers overal, parkeren alleen in vakken
- Schoolzones: geen aparte limiet, meestal in 30-zone
- Zicht ernstig belemmerd (vuistregel < 200 m): mistlampen vóór mogen aan; rijd zo dat je kunt stoppen binnen wat je overziet
Let op: uitzonderingen en valkuilen
- Auto met aanhanger/caravan: op de autosnelweg géén 130 of 120 maar 90, en op gewone wegen buiten de kom 80 — dit vergeten mensen vaak met een volgeladen vakantiecaravan.
- Een zwaardere combinatie of een rijbewijs-BE-plicht verandert niets aan het maximum, maar wél aan gewicht, remweg en zijwindgevoeligheid — houd extra afstand.
- Op een woonerf geldt sinds 2013 een wettelijke maximumsnelheid van 15 km/u (daarvóór stond er 'stapvoets' in de wet); rijd je harder, dan riskeer je een boete, en bij spelende kinderen rijd je nog langzamer.
- In een woonerf hebben voetgangers de hele straat en mag je alleen in de vakken parkeren — buiten de vakken parkeren is een overtreding, ook 'even' voor de deur. Alleen stilstaan om direct iemand te laten in- of uitstappen of te laden en lossen mag wel.
- Schoolzones hebben geen aparte limiet: de geldende snelheid is die van de zone (meestal 30), maar handhaving en drempels zijn er strenger — pas je aan op kinderen, niet alleen op het bord.
- Bij mist die het zicht ernstig belemmert (vuistregel: onder 200 m; de wet noemt geen afstand): rijd niet harder dan je overziet en zet mistlampen aan; het achtermistlicht mag alleen bij zicht onder 50 meter, anders verblind je de achterligger.
Oefenen? Maak de gratis vragen over verkeersregels, met uitleg bij elk antwoord.
Borden bij dit onderwerp
De borden die bij dit hoofdstuk horen, met hun betekenis:
Oefen dit met 2.609 vragen en 19 animaties
Rijtheorie Hub oefent precies zoals het CBR-examen: 50 vragen, 30 minuten, geslaagd vanaf 44. Gratis te proberen, in 12 talen.
Download gratis