10 gratis oefenvragen over bijzondere verrichtingen voor het CBR theorie-examen auto. Achteruitrijden, keren, wegrijden, invoegen, parkeren en slepen. Na elk antwoord zie je de uitleg en de bron. In de app zitten 204 vragen over dit onderwerp.
Dit moet je weten
Achteruitrijden is een bijzondere manoeuvre: jij verleent altijd voorrang aan iedereen.
Vaste volgorde bij wegrijden: spiegels, richting aangeven, en als laatste de dodehoek.
Parkeer in de rijrichting, laat de auto in een versnelling staan en zet de handrem stevig aan.
Keren is een bijzondere manoeuvre: verleen voorrang en doe het alleen waar het veilig en toegestaan is.
Op een helling: houd de handrem, zoek het aangrijppunt, en laat de handrem pas dan los zodat je niet terugrolt.
Met rijbewijs B mag een aanhanger tot 750 kg, of samen met de auto tot 3500 kg; met aanhanger geldt max 80 buiten de kom en 90 op de snelweg.
1. Je rijdt in deze rustige 30 km/u-straat en wilt keren om terug te rijden. Er staat geen bord dat keren verbiedt en er ligt geen doorgetrokken streep. Mag je hier keren?
Uitleg: Ja. Keren is alleen verboden op autosnelwegen en autowegen (RVV 1990 art. 43 lid 1) of waar een bord of doorgetrokken streep dat belet. Verder mag het, mits je als kerende bestuurder al het overige verkeer voor laat gaan (art. 54). Bron: RVV 1990 art. 54, art. 43 lid 1
2. Het verkeerslicht staat op groen en je slaat linksaf. Een tegenligger, die ook groen heeft, rijdt rechtdoor. Wie gaat voor?
Uitleg: Groen licht betekent 'doorgaan' (RVV 1990 art. 68 lid 1), maar het regelt geen voorrang tussen jou en de tegenligger, die ook groen heeft. Als linksafslaande bestuurder laat je het tegemoetkomende rechtdoorgaande verkeer voorgaan (art. 18 lid 1). Bron: RVV 1990 art. 18 lid 1, art. 68 lid 1
3. Je rijdt op een voorrangsweg en slaat rechtsaf een zijstraat in. Op het fiets/bromfietspad naast je rijdt een bromfietser rechtdoor. Wie gaat voor?
Uitleg: Bestuurders die afslaan, laten verkeer dat zich naast of rechts dicht achter hen bevindt voorgaan (RVV 1990 art. 18 lid 1). Dat je op een voorrangsweg rijdt, verandert daar niets aan: de voorrang van bord B1 gaat over kruisend verkeer uit de zijweg, niet over de bromfietser naast je. Bron: RVV 1990 art. 18 lid 1
4. Je slaat linksaf op dit gelijkwaardige kruispunt. Van links nadert een auto. Wie moet voorrang verlenen?
Uitleg: Op een gelijkwaardig kruispunt verleen je voorrang aan bestuurders van rechts (RVV 1990 art. 15); de auto van links moet dus op jou wachten. Afslaan staat niet in de lijst van bijzondere manoeuvres (art. 54); bij linksaf laat je alleen tegemoetkomers en verkeer naast of dicht achter je voorgaan (art. 18). Bron: RVV 1990 art. 15, art. 18, art. 54
5. Je slaat rechtsaf. Op het fietspad naast je rijdt een fietser rechtdoor en op het zebrapad van de zijstraat steekt een voetganger over. Wie laat je voorgaan?
Uitleg: Als afslaande bestuurder laat je verkeer dat zich naast of rechts dicht achter je bevindt voorgaan (RVV 1990 art. 18 lid 1), en voetgangers die op een zebrapad oversteken laat je altijd voorgaan (art. 49 lid 2). Je wacht dus op allebei. Bron: RVV 1990 art. 18 lid 1, art. 49 lid 2
6. Je slaat linksaf op dit gelijkwaardige kruispunt. Een fietser komt je tegemoet en rijdt rechtdoor. Wie gaat voor?
Uitleg: Bestuurders die afslaan, laten het verkeer dat hen op dezelfde weg tegemoetkomt voorgaan (RVV 1990 art. 18 lid 1). Dat geldt ook voor fietsers; wie eerder op het kruispunt was, speelt geen rol. Bron: RVV 1990 art. 18 lid 1
7. In deze woonstraat staan al veel auto's langs de stoep. Mag je je auto met twee wielen op het trottoir parkeren om de rijbaan vrij te houden?
Uitleg: Bestuurders van motorvoertuigen mogen voor het parkeren andere weggedeelten gebruiken, maar niet het trottoir, het voetpad of het fietspad (RVV 1990 art. 10 lid 1). Alleen waar bord E8b staat (parkeren met twee wielen op het trottoir) is het toegestaan. Bron: RVV 1990 art. 10 lid 1; Bijlage 1 bord E8b
8. Je ziet bord E1 (parkeerverbod). Je wilt hier een paar minuten stilstaan om meteen dozen uit je auto te laden. Mag dat?
Uitleg: Ja. Onmiddellijk laden en lossen is geen parkeren: parkeren is stilstaan anders dan voor het onmiddellijk in- of uitstappen of laden en lossen (RVV 1990 art. 1). Bord E1 verbiedt alleen parkeren; bij E2 (verbod stil te staan) zou het niet mogen. Bron: RVV 1990 art. 1 (parkeren); Bijlage 1 bord E1
9. Je ziet bord E2 (verbod stil te staan). Mag je hier even stoppen om je passagier te laten uitstappen?
Uitleg: Nee. Bord E2 verbiedt stilstaan, en ook het onmiddellijk laten uitstappen van een passagier is stilstaan (RVV 1990 art. 62; Bijlage 1, bord E2). Bij een parkeerverbod (E1) zou dat wél mogen. Bron: RVV 1990 art. 62; Bijlage 1 bord E2
10. Je ziet bord E7. Je wilt hier stoppen om meteen een zware kast uit je auto te laden en de winkel in te dragen. Mag dat?
Uitleg: Ja. Bord E7 geeft een plek aan voor het onmiddellijk laden en lossen van goederen; dat is precies wat je doet, en dat is geen parkeren (RVV 1990 art. 1). Parkeren op zo'n plek is wél verboden (art. 24 lid 1 onder f). Bron: RVV 1990 art. 24 lid 1 onder f, art. 1; Bijlage 1 bord E7
Ezelsbruggetjes bij dit onderwerp
🚗↩️🙇🌍Bij achteruitrijden verleen je voorrang aan ALLE andere weggebruikers.
Achteruit rijden = achterstevoren de wereld in: je hebt geen ogen in je rug, dus je buigt voor iedereen. Rijd je achteruit, dan ben je de nederigste van de weg.
👀🫣🚗↔️Kijk in de dode hoek (over je schouder) vóór het wegrijden en bij ELKE strookwissel.
De dode hoek is een onzichtbare motorrijder die precies daar hangt waar je spiegel niet komt. Draai je hoofd, of hij 'sterft' tegen je portier — vandaar 'dode' hoek.
🛣️🏃💨🤝Op de snelweg: pas op de invoegstrook je snelheid aan (versnel) vóór je invoegt.
De invoegstrook is een aanloop voor de verspringende atleet: eerst rennen tot je even snel bent, dán pas springen tussen het verkeer. Wie te traag springt, valt in de zandbak.
🅿️➡️🚦🙇Wegrijden vanaf de kant is een 'bijzondere manoeuvre': je verleent voorrang aan al het verkeer.
Je stond stil, dus jij bent de nieuwkomer op het feest: eerst netjes wachten tot iedereen voorbij is, pas dan mag jij de dansvloer (rijbaan) op. Nieuwkomer = laatste in de rij.